PensioenGenieten.nl

Uitleg: PremieStaffels




 

 

 


Op deze pagina lees je welke premiestaffels er zijn.


Je mag van de fiscus (belastingdienst) slechts pensioen opbouwen tot een bepaalde hoogte, passend bij je loon. Bij die maximale hoogte hoort een bepaald maximum aan premie. Om dat maximale pensioen op te bouwen, gebruikt de fiscus ‘maximumpremiestaffels’. Dit zijn tabellen waarin voor elke leeftijdsklasse de maximale percentages beschikbare premie staan om pensioen op te bouwen. Zie ook de vorige pagina.

Bij de premiestaffels wordt rekening gehouden met:

  • De periode waarover de premie kan renderen. Deze wordt namelijk korter naarmate je pensioenrichtleeftijd dichterbij komt. Hierdoor wordt het percentage in de premiestaffel hoger zodra je in een hogere leeftijdscategorie valt.
  • Een rekenrente van 3 of 4%. Hier wordt aangenomen dat de belegde premies elk jaar met 3 of 4% renderen.
  • Er wordt geen rekening gehouden met indexatie.
  • Een specifieke overlevingstafel (het omgekeerde van een sterftetafel) met leeftijdscorrecties.
  • Een mannelijke werknemer met een vrouwelijke partner die drie jaar jonger is
  • Een pensioen dat op de pensioenrichtleeftijd vergelijkbaar is met een Middelloonregeling.
  • De minimale AOW-franchise (10/7 x enkele gehuwden-AOW).
  • Het fiscale kader in de Wet op de Loonbelasting. Dat betekent het maximale opbouwpercentage dat bij een Middelloonregeling geldt.

xxx

Vier staffels

De belastingdienst kent vier staffels voor de ‘beschikbare premie’. Welke staffel op jou van toepassing is, hangt af van de pensioentoezegging in je pensioenreglement.

  • Staffel 1: Komt weinig voor:
    Als de werkgever aan zijn werknemers uitsluitend ouderdomspensioen heeft toegezegd.
    xxx
  • Staffel 2: Komt veel voor:
    Als de werkgever aan zijn werknemers een ouderdomspensioen + een ‘uitgesteld tijdsevenredig’ opgebouwd partnerpensioen heeft toegezegd. Daarom is deze staffel(premie) hoger dan de staffel(premie) uit staffel 1.
    ‘Uitgesteld’ betekent dat de uitkeringen van het partnerpensioen alleen ingaan na je overlijden op of na je pensioenrichtleeftijd.
    ‘Tijdsevenredig’ betekent in dit geval, dat op het moment van jouw overlijden na de pensioenrichtleeftijd eerst wordt vastgesteld welk bedrag aan ouderdomspensioen zou kunnen worden aangekocht met de  waarde die tot dat moment is opgebouwd. 70% van dat ouderdomspensioen wordt vervolgens uitgekeerd aan partnerpensioen.Hoe zit het dan met pensioen voor je nabestaanden als je overlijdt vóór de pensioenrichtleeftijd? Premie voor risicopensioen bij overlijden vóór de pensioenrichtleeftijd (risicopremies) betaalt je werkgever apart. Deze risicopremies komen dus bovenop de ‘beschikbare premie’ uit de staffel. Daarom heten deze risicopremies met een mooi woord ‘buitenbudgetpremies’. Waarom zijn deze apart van de beschikbare premies voor het ouderdomspensioen + partnerpensioen bij overlijden op of na je pensioenrichtleeftijd? Risicopremies voor partnerpensioen hoeven niet sekseneutraal te zijn. De risicopremies voor partnerpensioen kunnen voor een man dus anders zijn dan de premies voor een vrouw. Dan zou de ene groep voor hetzelfde pensioen minder over houden van zijn nettoloon dan de ander. Om dat te voorkomen betaalt de werkgever de risicopremies buiten de beschikbare premies om. De risicopremies betaalt je werkgever dus bovenop de beschikbare premie.
    xxx
  • Staffel 3: Komt redelijk veel voor.
    Als de werkgever aan zijn werknemers een ouderdomspensioen + een ‘direct ingaand, tijdsevenredig’ opgebouwd partnerpensioen heeft toegezegd. Daarom is deze staffel(premie) hoger dan de staffel(premie) uit staffel 2.
    ‘Direct ingaand’ betekent dat het partnerpensioen ingaat als je overlijdt zowel vóór als na de pensioenrichtleeftijd. Maar:
    ‘Tijdsevenredig’ betekent in dit geval, dat op het moment van jouw overlijden eerst wordt vastgesteld welk bedrag aan ouderdomspensioen zou kunnen worden aangekocht met de  waarde die tot dat moment is opgebouwd. 70% van dat ouderdomspensioen wordt vervolgens uitgekeerd aan partnerpensioen. Dus als je overlijdt krijgen je nabestaanden alleen maar het partnerpensioen dat is opgebouwd tot het moment van je overlijden. Om het tekort te dekken bij overlijden vóór de pensioendatum wordt er extra partnerpensioen op risicobasis meeverzekerd. Deze premie zit opgesloten in de beschikbare premie.
    xxx
  • Staffel 4: Komt praktisch niet voor:
    Deze staffel wordt gebruikt als de werkgever aan zijn werknemers een ouderdomspensioen + een direct ingaand, op de pensioenrichtleeftijd bereikbaar partnerpensioen heeft toegezegd. Daarom is deze staffel(premie) hoger dan de staffel(premie) uit staffel 3.
    Het verzekerde partnerpensioen wordt uitgekeerd aan je nabestaanden zowel als je vóór als na je pensioenrichtleeftijd overlijdt. Het partnerpensioen is 70% van het bereikbare ouderdomspensioen.
    In dit geval kan, bij overlijden voor de pensioendatum, het uit te keren partnerpensioen niet volledig worden betaald uit het opgebouwde bedrag. Daarom moet een risicoverzekering worden afgesloten om het tekort te dekken. Voorwaarde is dat de premie voor het partnerpensioen daadwerkelijk moet worden onttrokken aan de betaalde premie, ook bij werknemers zonder partner. Anders zou namelijk dat deel van de premie bij de werknemer zonder partner ten goede komen aan diens ouderdomspensioen en zou sprake zijn van uitruil. Uitruil is echter alleen toegestaan bij opgebouwd partnerpensioen. De onttrekking zou dus ten goede komen aan de verzekeraar of pensioenfonds, die daarvoor geen tegenprestatie mag leveren. Dit is een ongewenste situatie. Daarom komt staffel 4 in de praktijk vrijwel niet voor.

De staffels worden om de zoveel jaar aangepast. Dan publiceert het Ministerie van Financiën/de belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen weer een nieuw ‘staffelbesluit’ met daarin de nieuwste staffels.

 

In de praktijk worden lagere staffels gebruikt

De percentages die in de premiestaffels van de belastingdienst staan, zijn zoals gezegd het maximum. Lager mag dus ook. En dat zie je het meeste in de praktijk. Als jouw werkgever lagere percentages gebruikt, dan moet hij de verlaging evenredig toepassen over de hele staffel van de belastingdienst. Dus niet bij de ene leeftijdscategorie 75% van de maximale staffel toepassen en bij een andere categorie 85%. De verlaging moet ‘gelijk’ over de hele staffel. Bijvoorbeeld 75% over elke leeftijdscategorie van de staffel.

 

Netto staffels

Voorheen ging de belastingdienst uit van ‘brutostaffels’. In de percentages van een bruto staffel is opgenomen dat er bepaalde kostenopslagen zijn en dat er extra premie voor premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid werd meeverzekerd.

Eind 2009 kwam er een nieuw besluit van het Ministerie van Financiën. Daarin stonden ‘nettostaffels’. Dit zijn staffels waarin geen rekening is gehouden met kostenopslagen of premies voor arbeidsongeschiktheidspensioen, premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid of nabestaanden-overbruggingspensioen. De percentages van een nettostaffel zijn daarom lager dan de percentages van een brutostaffel. Het voordeel van een nettostaffel is dat beter zichtbaar is welke kosten de verzekeraar of pensioenfonds in rekening brengt. Bij een netto staffel betaalt de werkgever die kosten en premies apart, buiten de beschikbare premie om, aan de verzekeraar of pensioenfonds.

Voor het omschakelen van brutostaffels naar nettostaffels kregen verzekeraars en pensioenfondsen de tijd tot 1 januari 2015. Tot die tijd hoefden de nieuwe regels nog niet gebruikt te worden en mochten de staffels uit een eerder besluit (2007/brutostaffels) worden gebruikt voor zowel bestaande als nieuwe premieovereenkomsten.

Sinds 1 januari 2015 zijn nettostaffels verplicht. Brutostaffel mochten niet meer vanaf dat moment. Wie nog niet was omgeschakeld, moest op dat moment alsnog overgaan van brutostaffel naar nettostaffel.

 

Geen staffel maar gelijkblijvende premie

Is een staffel verplicht? Nee. Je werkgever mag ook een percentage premie toezeggen dat voor iedere leeftijdscategorie gelijk is. Bijvoorbeeld voor iedere werknemer, ongeacht zijn leeftijd, 7,5% van zijn pensioengrondslag. Het maximale percentage volgens de belastingdienst is gelijk aan de staffelpremie voor de leeftijdsklasse 20 t/m 24 jarigen, dat wil zeggen, de klasse waarin leeftijd 21 valt. Als de jongste werknemer echter 25 jaar of ouder is, mag het percentage worden aangepast aan de hogere staffelpremie van de leeftijdsklasse waartoe die jongste werknemer behoort.

Door naar
‘Start: Wat is pensioen?

 

 

Terug naar
huis (‘Home’)